HomeOnderwerpenOverigDuik de bak in

Duik de bak in

Na een jaar van hard werken was het dan weer zover, we mochten op vakantie. Zo begon een reis naar een van de mooiste plaatsen op deze aarde, wanneer koralen en tropische vissen je boeien: Sharm el Sheikh in Egypte. De politieke onrust in Egypte betekende het afgelopen jaar wel dat het er veel minder druk is. Dat is goed te merken op de meest geliefde duikstekken.

Waar vroeger 15 à 20 boten vol duikers lagen, liggen er nu hooguit twee of drie stuks. Dit geeft veel meer rust zowel boven als on­der water. De Rode Zee is voor ons tevens de meest dichtstbijzijnde plaats waar we volop steenkoraal kunnen bewonderen. Deze zee is op zich al zeer bijzonder: hij ligt op het breukvlak van de Afrikaanse plaat en de Aziatische. Deze twee platen ver­wijderen zich hier van elkaar, zodat de bodem van deze zee zich als het ware openscheurt en de rode zee steeds groter wordt om dan eens een oceaan te worden. Ver na onze tijd. Door deze openscheuring komt er on­deraan steeds weer magma vrij wat voor een enorme opwarming van de zee zorgt. Tevens is de zee aan de noordzijde afgesloten (behoudens het Suez-kanaal). Er is er geen wa­terverversing of grote waterstroom, alleen met eb stroomt er vanuit het zuiden water in wat er bij vloed weer uitstroomt. Dit is natuurlijk maar en­kele procenten van het totale water­volume. Tevens is het water aan alle kanten omgeven door grote woestij­nen, waardoor de zonneschijn bijna het gehele jaar volledig is. Hierdoor wordt het oppervlaktewater nog eens extra verwarmd.

Door al deze omstandigheden is deze zee zeer warm voor de noordelijke ligging. Regen is er ook niet, dus geen rivieren die water met nu­trieten aan de zee toevoegen. Wat de helderheid van het water zeer ten goede komt. De temperaturen die ik heb gemeten bedroegen op een diepte van 20 meter nog 29 graden en zakte zeer langzaam naar 28 gra­den op 30 meter diepte. De bovenste 10 meter gaat vlot naar 30 graden. Dat dit erg hoog is mag duidelijk zijn. Toch heb ik nergens een koraal gezien dat aan ‘bleaching’ leed.

De koralen hebben zich hier dus in de loop der tijde aangepast aan de warmere omstandigheden en zit­ten vol zoöxanthellen die ze in an­dere wateren al lang zouden hebben afgestoten. Het leven onderwater is hier zo weelderig met massa’s vis; miljoenen rifbaarsjes belemmeren je gewoon het uitzicht.

Weer roept bij mij de vraag op: zoveel vis en allemaal goed doorvoed, dat moet toch een gigan­tische hoeveelheid voedsel vereisen? En niks te zien, geen toevoer van voedselstoffen door regen, rivieren of grote zeestromen, niets dan woes­tijnen.

Een bron van energie is steeds aan­wezig: de zon, van 's morgens tot 's avonds elke dag weer. Hierdoor zal er zich veel fytoplankton vormen wat de bron is voor de voedselketen. Maar waar zij hun stikstof en fosfaat van­daan halen is mij een raadsel. Het vormen van fytoplankton gebeurt vooral in de bovenste meters van de zee. Hier is de zonkracht het grootst en is het volle lichtspectrum aanwe­zig. Het steeds verder verloren gaan van de langgolvige lichtstralen als de diepte toeneemt is een belevenis op zich.

Op 10 meter diepte is al het rode licht al verdwenen zoals op bij­gaande foto te zien is. Terwijl als je boven water een foto maakt met al­leen maar blauwe lucht en blauwe zee waar wel het volle spectrum aanwe­zig is. Op een diepte van (meer dan) 10 meter staan de koralen er prach­tig bij vol opgeblazen poliepen om volop het licht op hun zooxanthellen te laten schijnen. Het licht wat hier voor mijn ogen aanwezig is, is slecht een fractie van wat ik meestal boven aquaria zie hangen. Schijnbaar mis­sen de koralen het rode en gele licht wat op deze dieptes verdwenen is totaal niet en nemen ze de energie alleen uit het blauwe cq blauwgroene licht. De algen en wieren zijn daaren­tegen alleen te vinden in de bovenste meters van de zee en gebruiken hier dus niet alleen het blauwe maar voor­al het rode en gele licht. Dit geeft te denken.

Mijn aquarium wordt voor een groot deel verlicht met direct zonlicht met als gevolg dus volop rood en geel licht. Hierdoor groeien de algen weelderig, wat sommige ­Cerianthusleden kunnen beamen. Zo­als gezien bij het duiken is dit rood en geel licht niet nodig voor de koralen en zeer gunstig voor de algengroei. Om deze kleuren nu uit te filteren, heb ik een folie gevonden die al­leen het blauwe licht doorlaat zoals te zien is in het lichtspectrum van dit folie.

Ik heb dit folie voor de ramen boven de bak gehangen en na 3 weken wa­ren al de algen verdwenen! De kora­len staan er beter bij, mooi vol open en het geheel geeft een sfeer die je ook bij het duiken in tropische wate­ren ervaart.

Persoonlijk ben ik ervan overtuigd dat dit felle blauwe licht een gun­stige uitwerking op de koralen heeft. Doordat de algen niet meer groeien blijft er meer voedsel beschikbaar voor de koralen en worden deze niet aangetast door de verzurende wer­king van de algen op hun weefsel.

Maar ja, het oog wil natuurlijk ook wat dus 's avonds gaan de witte lichten voor enkele uren volop aan zodat we kunnen genieten van al het moois wat zich de afgelopen dag weer ontplooid heeft.

Zo zie je dat ook tijdens de vakan­tie ons aquarium door de hoofden blijft spelen.

Peter Brugmans

 

 

 

Ga naar boven