HomeOnderwerpenOverige lagere dierenFastes claws in the west

Fastes claws in the west

De bovengenoemde tekst is niet van mijzelf. Het is ontleend aan een schitterende documentaire uit 1985 van de BBC met David Attenborough en is zeker aan te bevelen om nog eens te bekijken op You Tube.

Deze documentaire trok mijn interesse doordat er aandacht werd besteedt aan de bidsprinkhaankreeft, ook wel Mantis (shrimp) of karatekreeft genoemd. Na het zien van deze documentaire was ik gefascineerd door het gedrag van dit diertje. Dat het een rover is was duidelijk. Dat we er regelmatig mee te maken hebben nog niet.
Odontodactylus-scyllarus1 700px

In een eerder artikeltje heb ik het weleens over plaagdieren gehad. Plaagdieren zijn dieren die we liever niet in ons rif aquarium tegenkomen. De Mantis is een van die dieren die we liever zien gaan dan komen. In de documentaire had ik de vaardigheden van dit diertje gezien en wist wat hij aan zou kunnen richten. Bij de inrichting van mijn bak had ik gekozen voor PUR en vulsteen. Enkele kilo’s levend steen zouden zorgdragen voor de enting van de bacteriën. Dat de opstarttijd daardoor langer zou duren nam ik voor lief. Het bespaarde mij in ieder geval veel geld. De zeven kilo levend steen kwam dus vers bij de handelaar vandaan. Na enige tijd van rijping in het aquarium kwamen mijn eerste vissen in de bak. Een schooltje van veertien Chromis virides zwierde door de bak, hetgeen een mooi gezicht was. De volgende dag telde ik er geen veertien maar dertien. De enkele dagen later weer eentje minder. Dat was vreemd, de dieren zagen er gezond uit. Tot op een avond ik de schrik van mijn leven kreeg. Bij het gedimde licht zag ik pontificaal een Mantis langs mijn voorruit zwemmen. Dit diertje van enkele cm moest wel verantwoordelijk zijn voor het verdwijnen van mijn Chromisjes. Ik zag hem naar een steen gaan en erin kruipen. Laat dit nu net het grootste stuk levend steen zijn wat ik had aangeschaft. Vlug een emmer gepakt en de steen eruit gehaald. Op de keukenvloer een zeiltje neergelegd en met verschillende soorten gereedschap geprobeerd de moordenaar eruit te peuteren. Echter zonder resultaat. Dan maar een hamer en een beitel. De steen moest in tweeën. Nog niet. Dan maar in vieren, nog niet. Aan het einde van een avond ploeteren bleef er alleen een berg puin over. En….u raad het al, geen Mantis. Wel wat brandwormen. Mijn echtgenote informeerde nog eens lachend wat die steen ook al weer gekost had. Ik lachte als een boer met kiespijn. Waar kon hij toch gebleven zijn? Daar kwam ik enkele dagen later achter. Wederom ’s avonds zwom hij voorbij. Nu wist ik zeker in welke steen hij zijn holletje had. Heel voorzichtig, met de hulp van mijn lachende echtgenote, haalde ik de steen eruit. Binnen een mum van tijd had ik de Mantis te pakken.

Gonodactylus-viridis 700px

In de tussentijd had ik me wat verdiept in dit beestje. Het bleek een heel slim en sterk beestje te zijn. De titel van de documentaire en van dit artikel heeft te maken met de manier hoe de Mantis jaagt. Er zijn daarin twee verschillen. Je hebt soorten die knuppelvormige poten hebben, de zogenaamde beukers. En je hebt ze met spitsvormige poten, de zogenaamde stekers. De voorste twee poten zijn dus flink ontwikkeld. Hiermee kunnen ze hun prooi buiten westen slaan of spietsen. De snelheid van deze slag is vergelijkbaar met een kogel uit een pistool (vandaar de titel). Door de enorme slagkracht en snelheid verrassen ze hun prooi. Deze bestaat hoofdzakelijk uit kleine kreeftachtigen zoals krabben, garnalen, schelpdieren e.d. Bij extreme honger zullen zij zeker een visje proberen te verschalken. Bidsprinkhaankreeften zijn er in vele soorten maten. De grootste kan wel 30 cm worden, terwijl de kleinere hooguit een cm of zes worden. De grotere soorten hebben bewezen dat ze met hun knuppel een glas kunnen breken met een dikte van 15 mm. Het is maar dat u het even weet. In Amerika noemen ze ze ook wel de Thumb nail splitter (duimnagel splitter). Deze jagers leven over het algemeen in holen die ze zelf vervaardigen en af kunnen dekken met steen of koraalbrokken. Enkele zijn dagactief terwijl er ook zijn die ’s nachts jagen. De kleinere exemplaren zoeken hun beschutting in de gaten van het levend steen. En zo liften ze dus ook mee naar ons aquarium. Er zijn diverse testen gedaan met deze dieren. Daaruit bleek dat hun zichtvermogen vele malen beter is dan die van de mens. Zelfs in het dierenrijk is dit niet geëvenaard. Dit diertje ziet namelijk 12 basiskleuren. De mens maar drie. Het is in staat om ultraviolette en infrarode stralen waar te nemen. Daarnaast ziet hij alles driedimensionaal terwijl wij maar 2 dimensionaal zien. Ook gepolariseerd licht schijnt geen probleem te zijn. De beukers hebben ronde lancet ogen terwijl de stekers meer ovale ogen hebben. De ogen kunnen onafhankelijk van elkaar bewegen. Wetenschappers zijn al geruime tijd bezig om het geheim te ontmaskeren maar zijn daar nog niet achter voor zover ik weet. De Mantissoorten die we vaak tegenkomen zijn over het algemeen goed houdbaar in een rifaquarium, aldus D. Knop. Volgens zijn studie komen de volgende houdbare soorten voor het rifaquarium naar voren: Gonodactylus chiragra; Gonodactylus platysoma; Odontodactylus scyllarus; Odontodactylus havanensis; Odontodactylus cultrifer; Hemisquilla ensigera ;Harpiosquilla harpax; Harpiosquilla sinensis; Squilla mantis; Oratosquillina manningi en als laatste Lysiosquillina maculata. Veelal zijn dit de kleinere soorten die hoofdzakelijk leven van kleine prooien zoals ik al eerder had beschreven. De bidsprinkhaankreeften vallen onder de klasse Stomatopoda. Er zijn 500 soorten bekend (persoonlijk raad ik u aan om hier toch een speciaal bakje voor te houden).

Gonodactylus-viridis3 700px

De reden dat het exemplaar bij mij aan de vissen begon is eigenlijk logisch. Het was puur overlevingsgedrag. Ik kan hem dat achteraf niet kwalijk nemen. De gevangen Mantis werd niet geëlimineerd maar kreeg een apart aquarium. Sterker nog: het werd de attractie van de straat.

Mijn kinderen hadden hem zelfs een naam gegeven: Moker. Elke dag moest Moker dus wel even een demonstratie geven aan de kinderen uit de buurt, hoe hard hij tegen een breinaald kon slaan. De harde tik gaf je het gevoel of het aquarium knapte. Hoor je dit geluid af en toe in je aquarium dat is de kans groot dat je een Mantis bezit. Op de foto is duidelijk te zien wat de verhoudingen zijn van dit kleine intelligente diertje. Het gaat hier om een Gonodactylellus viridis. Een mannetje. De vrouwtjes zijn vaak groen of geel. Het grotere exemplaar op de foto’s is een eveneens een beuker. Goed is te zien hoe zijn sterk ontwikkelde poten (maxililipeden) de vorm van een hamer hebben. De serie poten daarachter zijn voorzien van haakjes en dienen om hun prooi vast te houden en om materiaal te verplaatsen van uit hun hol. Het gefotografeerde dier kwam ik tegen in de Aqua Zoo in Bangkok. Het aquarium was niet groter dan een cm of 50 x 40 x 30.

Een nanobakje zou uitstekend functioneren voor de wat kleinere soorten. Ze wennen snel aan diepvriesvoer en zijn een genot om te bekijken. In Thailand kwam ik ze ook tegen in China Town (Bangkok), helaas als delicatesse (zie foto).

Moker heeft overigens nog enige tijd geleefd en werd goed verzorgd.

Ga naar boven